Recensie’s in de Leeswelp & Poëzierapport

14 januari 2009 § Een reactie plaatsen

welp_2008_9Het Vlaamse jeugdliteratuur tijdschrift de Leeswelp plaatste onlangs een erg fraaie recensie. Daarnaast plaatste ook de website Poëzierapport een mooie ‘dubbel’-recensie over ‘Zullen we een bos beginnen?’ en de bundel ‘Het punt met mij is dat ik alles kan’ van Eva Gerlach. Klik hieronder op meer als je de stukken wilt lezen.

Jaap Robben, Benjamin Leroy : Zullen we een bos beginnen?

gedichten

 

7+ — Knolletjes sokken zitten gevangen in kasten, een kampioen in gek doen bakt wortelspruitjesomelet en een auto wordt verliefd op een caravan: in Jaap Robbens Zullen we een bos beginnen, een dichtbundel vol verbeelding, kan het allemaal. De dichter vertrekt telkens vanuit een herkenbare, realistische situatie, en laat daar dan een kinderlijke logica en fantasie op los. Niet zelden levert dat een grappige pointe op, bv. in het gedicht over een mama op dieet: “Mijn moeder is bang / dat haar weegschaal bijt, / daarom eet ze alleen / een droge boterham / en een kop soep / rond etenstijd. // Zo raken wij elke dag / een plakje mamma kwijt. // Ze lijnt zichzelf een lijntje / en laat steeds meer liggen / op haar bord. / Ik ben weleens bang / dat ze ooit een puntje wordt.”

Humor speelt een belangrijke rol in Robbens gedichten, maar de schrijver staat ook stil bij verdriet of maatschappelijke thema’s, zoals het dragen van een hoofddoek. Gelukkig doet hij dat met een flinke dosis relativering en altijd vanuit kinderperspectief. De auteur verwerkt ook heel wat vragen in zijn gedichten. Op die manier verenigt hij de nieuwsgierigheid van kinderen met vleugjes filosofie. Het eerste gedicht van de bundel, ‘Flessenpost’, begint zo: “Waar zou mijn flessenpost nu zijn? / Is de poes al thuis? / Weten alle mensen samen / overal de weg? // De wereld lijkt soms zo groot, / terwijl hij naast mijn kast / op een poster past.” Na een bespiegeling over de wereld keert de ik-persoon terug naar wat hij kent en naar zichzelf: “[…] een plein // waar wakkere mensen / woelend wachten, / turen naar hun wereldkaart / en luisteren naar hun gedachten: / waar zou mijn flessenpost nu zijn?” Een gedicht met een heel mooie opbouw, dat kinderen ongetwijfeld aan het denken zet. Robben rijmt overvloedig in deze bundel, maar het rijm lijkt spontaan te zijn ontstaan. Strakke rijmschema’s volgt hij dan ook niet. De verzen vloeien en klinken lekker, hoewel het ritme hier en daar wel eens hapert.

Op de achterflap van de bundel lees je dat de gedichten bedoeld zijn voor lezers vanaf zeven jaar, maar ik vermoed dat wat oudere kinderen veel meer plezier zullen beleven aan deze poëzie.

Zullen we een bos beginnen is rijkelijk voorzien van zwart-witillustraties van Benjamin Leroy. Met mooie potloodlijnen voegt de illustrator een extra wereld aan de gedichten toe, waarin verbeelding en realiteit heerlijk door elkaar lopen. Leroy maakt van de bundel bovendien een sterk samenhangend geheel en gaat ook origineel aan de slag met de titel van het boek: op spreads zonder tekst laat hij letterlijk een bos groeien. Een fijn geheel van tekst en beeld. – LeeswelpReine De Pelseneer

Kort Rapport: Zullen we een bos beginnen?

Een dominee hebben als vader, die preekt en theologie bedrijft, is nog een hemelse genade bij een pa die kinderboeken schrijft!” (Lévi Weemoedt)

Ik moet de door mij zeer bewonderde Lévi Weemoedt tegenspreken. Het lijkt mij leuker een pa te hebben die kinderboeken schrijft dan één die aan religie doet. Maar ik snap wat Weemoedt bedoelt. De doorsnee kinderboekenschrijver ziet eruit als een afgeschminkte circusclown, stinkt uit zijn bek, draagt geruite debardeurkes, is bestuurslid van het Davidsfonds en rookte in een vroeger leven pijp. Toch moet ik bekennen dat deze heerschappen mijn jeugd danig hebben opgevrolijkt. Ik verslond de jeugdboeken, die ik aantrof in de bib van mijn gemeente. Over mijn grote waardering voor het instituut Openbare Bibliotheek heb ik op vermakelijke maar daarom niet minder oprechte wijze getuigd in mijn verhalenboek Het vlees is haar.

Dat allochtonen die zich in onze contreien willen settelen de taal der inboorlingen moeten leren, daar zijn we het met zijn allen grondig over eens. Maar dat ook onze eigen kindjes hun moedertaal – de standaardtaal, zeg ik er even voor alle duidelijkheid bij – haarfijn beheersen blijft van primordiaal belang. Het is daarvoor niet nodig dat je als ouder van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat in smetteloos ABN op een bekakt Frank-de-Bleeckere-toontje tegen je kroost aanlult. Koop en/of leen boeken en maak hen duidelijk hoe prettig lezen wel is, dat er achter die woordjes een onbegrensde belevingswereld schuilt. En, mama’s en papa’s, moffel tussen al die spannende jeugdverhalen af en toe eens een heuse dichtbundel à la Zullen we een bos beginnen? van Jaap Robben, de huidige stadsdichter van Nijmegen. Zullen we een bos beginnen? is een pretentieloos verzenboek – opgesmukt met tekeningen van de Vlaamse illustrator Benjamin Leroy – voor kinderen vanaf 7 jaar. De gedichten handelen o.a. over een brief in een fles, mama die lijnt, een krakkemikkige robot, de liefste onbekende – jawel, Heytzes klassieker als het ware hertaald voor het jonge volkje – een geschaafde knie etcetera… alles gedrenkt in een heerlijk sopje van onschuldige, kinderlijke fantasie.

Van dit soort boekjes bestemd voor nog niet verdorven mensjes word ik een beetje week, zeker als ze fraaie gedichten bevatten. Dan schieten door mijn hoofd een vloed aan Bond Zonder Naam-spreuken als daar zijn: ‘Mijn naam is Medemens’, ‘Hebt elkander lief’ of ‘Geestigheid geen beestigheid’. Als ik dan ook nog eens lees dat Zullen we een bos beginnen? – de titel getrouw – gepaard ging met een boomplantactie, dan krijg ik zin om een spade te grijpen en… de cynicus in mezelf definitief te begraven. Meestal gaat die zin redelijk snel en zonder de minste inspanning vanzelf weer over. – Poëzierapport – Philip Hoorne

Knolletjes sokken

Gek dat mensen
sokken gevangenhouden
in het donker van hun kasten.
Tot pijnlijk strakke knolletjes gedraaid
in een achterwaartse salto
flikflak met dubbele knopen
alsof iedereen bang is
dat ze weg willen lopen.

Maar sokken hoef
je niet te mishandelen,
want zonder voeten
houden ze niet van wandelen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Wat is dit?

Je leest nu Recensie’s in de Leeswelp & Poëzierapport voor Jaap Robben.

Meta

%d bloggers liken dit: