Plint

Als kind lazen we thuis veel. En Plint kende ik door mijn moeder, zij was basisschooldocent en koos de posters uit. Plint was een soort keurmerk, een icoon. Toen ik in 2004 debuteerde met een bundeltje dat ik in eigen beheer uitgaf, durfde ik mezelf nauwelijks dichter te noemen. Dichter leek me een soort ere-titel die je met koninklijke eer toegekend zou krijgen. ‘Vanaf heden zijn uw woorden poëzie.’ Niet iets dat je jezelf noemt.

Tot ik een mailtje kreeg van Mia Goes van Plint. Zij had mijn bundel gelezen en wilde graag van het gedicht Saharazand op een poster uitgeven. Ik juichte, zo hard en plotseling dat onze kat ervan schrok en door het kattenluik naar buiten schoot. Vanaf die dag durfde ik mezelf dichter te noemen.

Onlangs kwam er weer een mailtje van Plint. Of ze het gedicht Zullen we een bos beginnen? op poster mogen uitbrengen.

‘Jaaaaaaaaaaaaaaaaaa…, etc.’ schreef ik terug.

De andere gedichten in deze reeks zijn van Bart Moeyaert, Paul van Ostaijen, Joke van Leeuwen, Willem van Hussem, Cees Nooteboom, Daan Zonderland en Erik van Os.